De Vries et al. 2010. Monitoring van het slibgehalte in de toplaag van de zeebodem, september 2009 – maart 2010.

In het kader van grootschalige zandwinning op de Noordzee wordt onderzoek gedaan naar de mogelijke gevolgen van opwervelend fijn slib tijdens baggerwerkzaamheden op de Noordzee. Eén van de onzekerheden bij dit onderzoek is het vermogen van de waterbodem om als buffer voor fijn slib te fungeren. Om inzicht te krijgen in dit bufferend vermogen, is een monitoringscampagne opgestart waarmee de variatie in het  slibgehalte over een jaar wordt gemeten. Hierbij worden zowel metingen gedaan van het slibgehalte in de waterkolom (zwevend slib) als metingen aan de waterbodem.

Onderhavig verslag is een evaluatie van alle metingen, waarbij met name wordt ingegaan op de kalibratie van de meting, vertaling naar slibgehalte en naar de verschillen en trends in de metingen. Daarnaast worden aanbevelingen gedaan voor nadere analyses van de monsters, ten behoeve van een betere ijking van de meting en de wijze waarop de metingen kunnen worden gebruikt voor de belangrijkste vraag van het onderzoek: hoe kunnen we de uitwisseling van slib tussen bodem en water kwantificeren en beschrijven en wat voor effecten hebben de uitwisseling op de vertroebeling.